Jeugdartsen worden op het voortgezet onderwijs geconfronteerd met jongeren met slaaptekort en jongeren die verzuimen. Zijn deze twee aspecten met elkaar gerelateerd?
Samenvatting
Inleiding:
In dit onderzoek wordt onderzocht of er een verband bestaat tussen slaaptekort en schoolverzuim.
Methode:
We hebben dwarsdoorsnedeonderzoek uitgevoerd onder jongeren in de vierde klas van het voortgezet onderwijs in het schooljaar 2013–2014. Door 389 jongeren zijn vragenlijsten ingevuld. Slaaptekort is gemeten met behulp van de CSRQ (Chronic Sleep Reduction Questionnaire). Daarnaast vulden jongeren een vragenlijst in over hun gezondheid, welzijn en leefstijl (E-MOVO; elektronische monitoring en voorlichting). Gegevens over schoolverzuim (ziekteverzuim, ongeoorloofd verzuim en te laat komen) zijn door scholen aangeleverd. Er zijn lineaire regressieanalyses uitgevoerd om de samenhang tussen slaaptekort en schoolverzuim te onderzoeken.
Resultaten:
Univariate analyses laten zien dat met de toename van het slaaptekort ook het ongeoorloofde verzuim, het ziekteverzuim en het te laat komen toeneemt (respectievelijk p = 0,032, p = 0,011, p < 0,001). De verklaarde variantie is hierbij echter laag (respectievelijk r2: 0,012, 0,017 en 0,056). In een multivariaat model waarbij rekening wordt gehouden met demografische kenmerken, psychosociale gezondheid, lichamelijke gezondheid en genotmiddelengebruik is het verband tussen slaaptekort en ongeoorloofd verzuim, en slaaptekort en ziekteverzuim niet meer significant en neemt de verklaarde variantie toe (respectievelijk R2: 0,101 en 0,135). Het verband tussen slaaptekort en te laat komen blijft na correctie significant (p < 0,001, R2 = 0,174).
Conclusie:
Dit onderzoek laat bij jongeren in de vierde klas van het voortgezet onderwijs een directe samenhang zien tussen slaaptekort en te laat komen. Het verband tussen slaaptekort en ongeoorloofd verzuim of ziekteverzuim is na correctie niet significant. Psychosociale problemen zijn een sterke verklarende factor van zowel verzuim als slaaptekort. De uitkomsten van dit onderzoek zijn relevant voor de praktijk van de jeugdgezondheidszorg, vooral in termen van het verder versterken van het psychosociale domein.
Het artikel van dit onderzoek is gepubliceerd in het Tijdschrift voor Gezondheidswetenschappen (TSG).